We zien dat het model naast kernkwaliteiten (eigenschappen)
en valkuilen (doorgeschoten eigenschappen) ook nog twee
andere elementen bevat. Deze kunnen we het best bespreken
aan de hand van een concreet voorbeeld. Een persoon met de
eigenschap behulpzaamheid heeft als valkuil bemoeizucht. De
uitdaging voor deze persoon is om in bepaalde gevallen
dingen los te laten. De vervorming van de uitdaging 'loslaten' wordt de allergie genoemd. In dit geval is
onverschilligheid de allergie van de behulpzame
persoon.
Het kernkwadrantenmodel is door zijn eenvoud en elegantie
buitengewoon goed in praktijk te gebruiken. Ver-velende
eigenschappen kunnen duidelijk, maar niet direct
confronterend benoemd worden. Door ze in een 'teveel van het
goede' perspectief te plaatsen wordt de 'goede' of
'goedbedoelde' eigenschap zichtbaar. De uitdaging maakt
vervolgens het ontwikkelpunt van de medewerker zichtbaar.
Het model maakt gevoelige zaken in een team vrij neutraal
bespreekbaar. Onderlinge irritaties zijn vrijwel altijd te
benoemen als allergie-ën. Zo kan een bescheiden medewerker
zich mateloos storen aan een andere medewerker die zichzelf
continu op de borst klopt. Deze laatste medewerker moet iets
minderen waardoor zijn zelfbewustzijn zich weer op een
gezonde manier manifesteert. Een eigenschap die juist weer
de uitdaging vormt voor de bescheiden medewer-ker!
|